20 twintigers | Editie 2019-2020

De twintigers op bezoek bij consul-generaal Bert van Lingen in Antwerpen

Plat water is spa blauw 

20 twintigers in Antwerpen

Isidore van Westing 

Het is halfdrie ’s middags als ik de NS-trein uit stap en het bekende Centraal Station van Antwerpen uit loop. Ik kijk om me heen en zie de mooie Zoo, het chocolademuseum Chocolate Nation en een man die op het stationsplein de duiven eten geeft. Mijn rolkoffer klettert gezellig achter mij aan en blijft zo nu en dan steken aan een stoeptegel. We hebben van tevoren een mailtje gekregen met alles wat ons dit weekend te wachten staat, maar toch vind ik het spannend. Het miezert, maar stug stap –niet loop, want lopen is ‘rennen’ in het Vlaams – ik door. Met een korte tussenstop bij het hostel voor mijn spullen kom ik uiteindelijk aan bij het Museum aan de Stroom. “Fijn dat je er bent!”, zegt de begeleider tegen me. Hij lacht vriendelijk.  

Het MAS is een iconisch museum in Antwerpen met op iedere verdieping een ander verhaal. Op de eerste verdieping ontmoeten we Marieke van Bommel, de directeur van het museum. Een Nederlandse. “Nederlanders zijn veel directer”, zegt ze, “dus ik kwam altijd bij vergaderingen meteen met de feiten op tafel.” Zo werkt dat in Vlaanderen niet, daar kwam ze na haar verhuizing achter. Het kostte wat moeite maar nu zijn de verschillen een kracht. 

Terwijl Van Bommel vertelt, kijk ik om me heen. De hele groep staat aandachtig te luisteren, maar iedereen is nog vrij verlegen. Gelukkig, denk ik, iedereen is zenuwachtig. Na de introductie volgt een tour van de rest van de verdiepingen. Per verdieping wordt de stemming lichter en de gesprekken leuker. Op de uitkijk van het dak oppert iemand om alvast een groepsfoto te maken.  

Bij de wandel terug naar het hostel raak ik aan de praat met een van de jongens. Hij is Nederlands en studeert sinds een maand in Antwerpen. “Het is zo wennen”, vertelt hij. “Iedereen gaat hier in het weekend terug naar zijn ouders en neemt zijn vuile was gewoon mee!” Ik kijk verbaasd. De meeste van mijn vrienden gaan eens in de maand naar huis. Het sociale leven maakt de treinreis naar de ouders geen prioriteit.  

Na een snelle avondhap in het hostel gaat het programma meteen door en niet veel later zitten we in de woonkamer van de consul-generaal der Nederlanden, Bert van der Lingen. “Ik heb wat typische studentenhapjes gekocht, zo is het meteen gezellig.” Op tafel staan schalen met chips, kaasstengels en borrelnootjes. Iemand naast mij bestelt plat water, wat ik pas begrijp als hij even later een spa blauw aangereikt krijgt. Van der Lingen vertelt en neemt af en toe een beschaafde hand borrelnootjes uit de schaal. 

De volgende dag begint met een havenrondvaart van de Vlaamse havencommissaris Jan Blomme. Met een nette blauwe jas en een sjaal die in de wind wappert, vertelt hij over de geschiedenis van de Antwerpse haven.

Later in een café vraagt een van mijn nieuwe Vlaamse vriendinnen om een pintje en de Nederlandse een biertje. Ze krijgen hetzelfde en proosten. Ik lach. We zeggen misschien iets anders, maar begrijpen elkaar nu ook. 

Isidore van Westing is een van de 20 twintigers. 
Contact: isidorevanwesting@gmail.com